Bewegingsonscherpte of “motion blur”

“Wat een mooi zacht water!” “Wat een bijzonder dramatische lucht!” “Wat een mooie zachte rookwolken!” Een ieder die zich in deze reacties herkent zal zich wellicht eens hebben afgevraagd hoe dit effect bereikt wordt. Het antwoord daarop is redelijk simpel: gebruik maken van een lange sluitertijd. Een lange sluitertijd zorgt namelijk voor bewegingsonscherpte, of motion blur om maar een populaire term te gebruiken. Motion blur is letterlijk bewegingsvervaging, oftewel vervaging door beweging. Normaliter is dit een ongewenst effect in foto’s, je wilt vaak dat hetgeen je probeert vast te leggen scherp op de foto komt. Het kan echter ook zeer creatieve effecten opleveren. Een mooi voorbeeld hiervan zijn zogenaamde lichtbanen (light trails) van bijvoorbeeld auto’s, de tram of de kermis.

Door gebruik te maken van een lange sluitertijd wordt alles dat beweegt als het ware “uitgesmeerd”. Echter, alles dat stil staat blijft scherp op de foto. Dit geeft een creatief effect aan je foto en is natuurlijk makkelijk te doen op het moment dat het buiten donker is. Toch zijn er voldoende situaties waarin je dit effect ook overdag toe wilt passen. Denk bijvoorbeeld aan stromend water, of een snel bewegende wolkenlucht. Er is vaak echter één probleem. Je zet je camera neer op statief, zet de ISO op 50 (of zo laag mogelijk), het diafragma op F16 (hoger geef teveel diffractie) en stelt de sluiter zo in dat er een goed belichtte foto ontstaat. De camera geeft echter aan dat de maximale sluitertijd 1/8e seconde is, terwijl jij eigenlijk een sluitertijd van meer dan een minuut wilt gebruiken. De sluitertijd die je wenst te gebruiken, zorgt dus voor sterk overbelichtte foto’s. Wat nu?

ND filters - de theorie

Gelukkig ben je niet de eerste en zeker ook niet de laatste (behalve als IEDEREEN deze blog leest) fotograaf die tegen dit probleem aan loopt. De oplossing heet het ND filter. ND staat voor Neutral Density, of neutrale dichtheid. De term “neutraal” duidt erop dat alle golflengtes van het licht in gelijke mate worden tegengehouden. Even uitleggen: licht bestaat uit elektromagnetische straling dat zich voortbeweegt in een golfbeweging. De lengte van een golf (golflengte genaamd) bepaalt de kleur van het licht. Rood heeft bijvoorbeeld een golflengte van ongeveer 675 nanometer zoals te zien is in onderstaande figuur.

Elke kleur heeft een complementaire (tegenovergestelde) kleur. Als er rood licht geabsorbeerd wordt, dan zie je het object groen.

Als het filter dus bijvoorbeeld meer rood licht zou absorberen, dan zou de foto een blauw/groene zweem krijgen. Neutral betekent dus dat er geen kleurzweem optreed, omdat alle golflengtes gelijkmatig worden tegengehouden.

De term “dichtheid” duidt erop dat er licht wordt tegengehouden in bepaalde mate. Op het filter staat, achter ND, vaak een getal (bijvoorbeeld 0.3, 0.9 of 3.0). Des te hoger dit getal, des te meer licht er tegengehouden wordt. De natuurkundige theorie zullen we achterwegen laten (fractionele transmissie voor wie het wil Googlen). Wat wel belangrijk is, is hoeveel licht er daadwerkelijk wordt tegen gehouden. Een ND 0.9 filter geeft een reductie van 3 stops. Elke stop (ook F stop genoemd) halveert het licht. Bij 3 stops wordt er dus 8x (2*2*2) meer licht tegengehouden dan zonder filter. Er komt dus 8x minder licht op de sensor. Dit betekent dat je sluitertijd 3 stops moet afnemen om te compenseren voor het verlies aan licht. Stel, de sluitertijd is 1/8e seconde. 1 stop compenseren geeft een sluitertijd van 1/4e seconde, 2 stops een sluitertijd van 1/2e seconde en 3 stops een sluitertijd van 1 seconde. Op deze manier kan je dus een langere sluitertijd gebruiken op klaarlichte dag!

Er zijn twee soorten ND filters te verkrijgen. Het eerste type is een filter met een vaste lichtabsorptie (bijvoorbeeld ND3.0 of ND0.9) zoals op de afbeelding hieronder.

Het tweede type is het variabel ND filter. Het variabel ND filter zijn eigenlijk twee polarisatiefilters die op elkaar geschroefd zijn. Het grote voordeel van zo een filter is dat je het kunt “stellen”. Het is dus mogelijk om traploos te variëren tussen ND0.9 en ND3.0 en alles dat daar tussen ligt.

Het grote voordeel van variabele ND filters ten opzichte van “vaste” ND filters is uiteraard dat je het filter zo in kunt stellen dat je de gewenste lichtabsorptie krijgt. Waarom koopt niet iedereen een variabel ND filter dan? Vanwege de kwaliteit. Naast de eerder besproken mogelijke kleurzweem is het namelijk zo dat variabele ND filters op bepaalde “sweet spots”, dat klinkt positiever dan dat het is, kruizen zullen geven in het beeld. Deze “kruizen” kunnen zich manifesteren als letterlijk een kruis in het beeld of zwarte vlekken in een foto. De serieuze fotograaf zal dus moeten investeren in duurdere, maar betere, vaste ND filters. Bij vaste ND filters is er namelijk nooit sprake van kruisvorming.

ND filters – de praktijk

Het filter dat ik ga testen is een Haida ND 3.0 filter.

Een ND 3.0 filter houdt 10 stops licht tegen. Dat betekent dat er 1000x (2*2*2*2*2*2*2*2*2*2) minder licht op de sensor valt. Als er uitgegaan wordt van de sluitertijd van 1/8e seconde uit de inleiding, komt dat neer op een sluitertijd van 2 minuten! Het ND filter maakt het dus mogelijk om op klaarlichte dag hele lange sluitertijden te gebruiken.

Normaliter worden ND filters gebruikt om zachte luchten en water te creëren. Echter, door gebruik te maken van de lange sluitertijd wordt het mogelijk om mensen (die bewegen) onzichtbaar te maken op foto’s. Dit gegeven heb ik gebruikt om in Amsterdam, op klaar lichte dag, druk bezochte plekken te fotograferen en het zodoende proberen het te doen lijken alsof ze verlaten zijn. Er zijn weinig plekken drukker dan de Dam in Amsterdam, perfect dus om dit filter te testen! 

Het eerste dat opvalt is hoe eenvoudig het filter in gebruik is. Als eerste schroef je de 77mm adapter ring op het objectief, daarop monteer je de 100mm filter houder en vervolgens schuif je de big stopper er in. Het filter zit goed vast door rubberen lamellen die zich in de filterhouder bevinden. Na het geheel neergezet te hebben was het tijd om aan de slag te gaan. Note to self: bepaal de compositie en stel scherp vóórdat je het grote licht stoppende filter op de camera zet. Als je door de zoeker kijkt nádat je het filter erop gezet hebt, zie je uiteraard niets meer. Het filter ging er dus weer af, de compositie werd bepaald en het scherpstelpunt gekozen. Daarna ging het filter er weer op en kon er eindelijk begonnen worden met het maken van de foto.

De normale sluitertijd (zonder filter) was 1 1/3e seconde voor een goed belichtte foto. Door het 10 stops filter werd het mogelijk om een sluitertijd te gebruiken van 11 minuten(!!). Door deze lange sluitertijd wordt alles dat beweegt vervaagt. Het resultaat: de dam is bijna leeg! 

Hier en daar zijn nog wel schimmen te zien van mensen die lang stil stonden, zoals het levende standbeeld. Het maakt de foto een beetje griezelig. Dit is een handig effect als je bijvoorbeeld drukke toeristische plaatsen wilt fotograferen, maar niet alle toeristen erop wilt (het Louvre bijvoorbeeld, of Machu Pichu).

Wat mij opvalt is dat het filter geen negatieve invloed heeft op de kwaliteit van de foto. Ook is er  geen kleurzweem te bekennen. Dit betekent dat het filter netjes zijn werk doet en alle golflengtes gelijk tegenhoud.

Naast de dam heb ik nog geprobeerd om drukke straten leeg te krijgen. In dit voorbeeld was dat de Warmoesstraat in Amsterdam. Echter, door het “trechtereffect” van deze nauwe straat krijg je achter in de foto altijd een zwart vlak omdat daar altijd mensen aanwezig zijn. Met het trechtereffect bedoel ik de optische illusie dat een straat, naarmate hij naar de horizon toe loopt, steeds nauwer wordt. Omdat het filter alleen bewegingsonscherpte teweeg brengt zie je daar altijd mensen, omdat er nooit geen mensen lopen.


Ik heb nog een voorbeeld voor jullie. Het leek mij wel gaaf om de schaatsbaan op het Museumplein in Amsterdam te zien zonder mensen erop. Natuurlijk is dat zonder dit filter onmogelijk, het is Amsterdam, dus heb ik getracht met het Haida ND3.0 filter de schaatsbaan vrij te krijgen van mensen. 

Onderstaande foto's zijn het resultaat. De blauwe kleurzweem heb ik achteraf toegepast om te benadrukken hoe koud het was .

Conclusie

Een ND filter maakt je foto’s niet direct beter (zoals bijvoorbeeld een polarisatiefilter of een gradiënt ND filter), maar anders. Het overdag gebruik maken van lange sluitertijden geeft voornamelijk een creatief effect (bewegingsonscherpte). Na een aantal dagen het filter te hebben gebruikt kan ik eigenlijk maar één ding concluderen: als je op zoek bent naar een goed ND filter hoef je niet verder te zoeken. Het Haida ND3.0 filter doet wat het moet doen en het doet het goed. Er is geen kleurzweem te bekennen in de foto’s. Tevens heeft het filter (in tegenstelling tot goedkopere filters) geen negatieve invloed op de scherpte van de foto’s, behalve daar waar het gewenst is (bewegingsonscherpte). Omdat het een filter met een vaste lichtabsorptie betreft heeft dit filter geen last van kruisvorming. Dit filter wordt een vaste kompaan bij straat- en landschapsfotografie!

Voorbeeldfoto's

Powered by SmugMug Owner Log In